english | nederlands

RC 107 Weihnachtslied (“Fern im Osten wird es helle”)

tekstbron

Novalis Schriften Vol. II (Berlin: G. Reimer 5th edition 1837), 23-24
  • Weihnachtslied (“Fern im Osten wird es helle”)
  • Novalis
  • mezzosopraan en orgel
  • 5 oktober 1910 | herzien 1 oktober 1911 - 30 november 1911

Eind oktober 1909 werd Diepenbrocks Hymne an die Nacht “Muss immer der Morgen wiederkommen” op tekst van Novalis (RC 50) enkele malen uitgevoerd door het Concertgebouworkest onder leiding van Willem Mengelberg met de Hongaarse altzangeres Ilona Durigo. Van Novalis, pseudoniem voor Friedrich von Hardenberg (1772-1801), had Diepenbrock in de jaren 1897-1899 een vijftal teksten uit de Geistliche Lieder en uit de Hymnen an die Nacht op muziek gezet (RC 37, 45, 47, 49 en 50). Het werk van deze jonggestorven Duitse dichter en filosoof uit de vroeg-romantiek lag de componist na aan het hart en de uitvoeringen van 1909 hebben zijn interesse opnieuw aangewakkerd. …meer >

Weihnachtslied (incipit)


Eind oktober 1909 werd Diepenbrocks Hymne an die Nacht “Muss immer der Morgen wiederkommen” op tekst van Novalis (RC 50) enkele malen uitgevoerd door het Concertgebouworkest onder leiding van Willem Mengelberg met de Hongaarse altzangeres Ilona Durigo. Van Novalis, pseudoniem voor Friedrich von Hardenberg (1772-1801), had Diepenbrock in de jaren 1897-1899 een vijftal teksten uit de Geistliche Lieder en uit de Hymnen an die Nacht op muziek gezet (RC 37, 45, 47, 49 en 50). Het werk van deze jonggestorven Duitse dichter en filosoof uit de vroeg-romantiek lag de componist na aan het hart en de uitvoeringen van 1909 hebben zijn interesse opnieuw aangewakkerd.

Tussen zomer 1910 en najaar 1911 komt de naam Novalis regelmatig voor in de correspondentie tussen Diepenbrock en zijn vriendin Johanna Jongkindt. In juni 1910 begon Diepenbrock aan een nieuwe compositie op tekst van deze dichter: Weihnachtslied. Een kort ontwerp dateert van het begin van die maand, enkele dagen nadat Diepenbrock de eerste schets had genoteerd voor het symfonisch lied Die Nacht op verzen van Hölderlin (RC 106). Na de première van dat werk, in oktober 1911, kwam Diepenbrock terug op het Weihnachtslied. De eerste twee coupletten van het lied zijn uitgeschreven voor mezzosopraan en orgel, met de tempo-aanduiding Andante con moto. Hoewel het manuscript uitgroeide tot ruim vijftig maten, is het geen afgeronde compositie geworden.

Karakteristiek zijn de stijgende drieklankmotieven gevolgd door octaafsprongen bij de openingsfrase “Fern im Osten wird es helle, Graue Zeiten werden jung”. Dergelijke drieklankbrekingen, die Diepenbrock regelmatig toepast, zijn vaak een verwijzing naar transcendente elementen in een tekst. We treffen ze onder meer aan in de hymne Wenige wissen das Geheimnis der Liebe (RC 47/58), eveneens op tekst van Novalis, en in de introductie van het al genoemde Die Nacht.

Désirée Staverman



Fern im Osten wird es helle,
Graue Zeiten werden jung;
Aus der lichten Farbenquelle
einen langen tiefen Trunk!
Alter Sehnsucht heilige Gewährung,
Süße Lieb’ in göttlicher Verklärung!

Endlich kommt zur Erde nieder
Aller Himmel selges Kind,
Schaffend im Gesang weht wieder
Um die Erde Lebenswind,
Weht zu neuen ewig lichten Flammen
Längst verstiebte Funken hier zusammen.

Überall entspringt aus Grüften
Neues Leben, neues Blut;
Ewgen Frieden uns zu stiften
Taucht er in die Lebensflut;
Steht mit vollen Händen in der Mitte,
Liebevoll gewärtig jeder Bitte.

Lasse seine milden Blicke
Tief in deine Seele gehn,
Und von seinem ewgen Glücke
Sollst du dich ergriffen sehn.
Alle Herzen, Geister und die Sinnen
Werden einen neuen Tanz beginnen.

Greife dreist nach seinen Händen,
Präge dir sein Antlitz ein,
Mußt dich immer nach Ihm wenden,
Blüte, nach dem Sonnenschein;
Wirst du nur das ganze Herz Ihm zeigen,
Bleibt er wie ein treues Weib dir eigen.

Unser ist sie nun geworden,
Gottheit, die uns oft erschreckt,
Hat im Süden und im Norden
Himmelskeime rasch geweckt,
Und so laßt im vollen Gottesgarten
Treu uns jede Knosp und Blüte warten.


  • C-16(17) Weihnachtslied

    sketch C-16(p17) dated 5 Juni 1910

    • 5 juni 1910
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: onbekend
  • C-16(69-78)

    C-16(p69-78) dated on the first page 17 Oct 1911 and on the third page 22 Oct 1911

    • 17 oktober 1911 – 22 oktober 1911
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: onbekend
  • C-17(58-59) Weihnaschtslied

    C-17(p58-59) dated 17 Oct 1911

    • 17 oktober 1911
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: onbekend
  • C-18(16-17) Ẁeihnachtslied

    C-18(p16-17) dated 10 Nov 1911

    • 10 november 1911
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: onbekend
  • C-22(14-16) Weihnaschtslied

    C-22(p14-16) dated 10 Nov 1911

    • 10 november 1911
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: onbekend
  • Map-15(14) Weihnachtslied

    Map-15(14), fragment

    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: onbekend