english | nederlands

RC 112 Berceuse (“Le Seigneur a dit à son enfant”)

tekstbron

Charles Van Lerberghe, La chanson d’Ève (Paris: Mercure de France, 3th edition 1909), 29-30

eerste uitvoering

27 oktober 1915 Amsterdam, Concertgebouw

uitgaven

  • Berceuse Hans, Pierre 24525434
  • Berceuse
  • Complete Songs for Solo Voice and Piano Vol. 6 Donemus / Alphons Diepenbrock Fonds 507365
  • Diepenbrock Album B/M Vol. I

  • Berceuse (“Le Seigneur a dit à son enfant”)
  • Lerberghe, Charles Van
  • mezzosopraan en piano
  • 1 november 1912 - 30 november 1912
  • duur 5:30

In de week na de voltooiing van de Berceuse voor mezzosopraan, cello en piano (RC 111) maakte Diepenbrock een afschrift van de compositie voor Johanna Raphael-Jongkindt, die hem op het inspirerende gedicht van Van Lerberghe opmerkzaam had gemaakt. Het was geen letterlijke kopie: Voor jou heb ik de Cellopartij in de piano overgezet, dat je ’t makkelijk spelen kunt. (BD VIII:54) …meer >


In de week na de voltooiing van de Berceuse voor mezzosopraan, cello en piano (RC 111) maakte Diepenbrock een afschrift van de compositie voor Johanna Raphael-Jongkindt, die hem op het inspirerende gedicht van Van Lerberghe opmerkzaam had gemaakt. Het was geen letterlijke kopie: Voor jou heb ik de Cellopartij in de piano overgezet, dat je ’t makkelijk spelen kunt. (BD VIII:54)

Bijna een jaar later, op 10 oktober 1913, vroeg hij haar dit exemplaar op te sturen om het in de versie voor piano alleen te kunnen overschrijven voor de mezzosopraan Madame Charles Cahier (1870-1951). (BD VIII:254) De zangeres had indruk op hem gemaakt met haar liedrecital op 1 oktober in de Kleine Zaal van het Concertgebouw:

Het is een ongeloofelijke kunstenares. […] De stem is in een kleine zaal van de hoogste bekooring, en zelfs iemand die stokdoof is zou zich amuseeren met haar te zien om haar prachtige mimiek.” (BD VIII: 254)

De volgende dag, 2 oktober, werden Diepenbrock en zijn vrouw diep geroerd door haar aandeel in de eerste integrale uitvoering van Mahlers Lied von der Erde door het Concertgebouworkest onder leiding van Willem Mengelberg. Ook waren ze aanwezig bij de herhaling in Den Haag op 5 oktober, die volgens het dagboek van Elisabeth nog aangrijpender moet zijn geweest. (BD VIII:248) Op een van de tussenliggende dagen had het echtpaar Cahier bij de Diepenbrocks gedejeuneerd, waarbij de Franse mezzosopraan verscheidene van zijn liederen had doorgezongen en te kennen gaf erop te rekenen dat Diepenbrock iets nieuws voor haar zou maken.

Ondanks dat Johanna haar exemplaar van de Berceuse onmiddellijk opstuurde, heeft Diepenbrock zijn voornemen om een afschrift voor Cahier te maken niet uitgevoerd. Dit uitstel kan verklaard worden uit de intensieve arbeid aan de partituur van het symfonische lied Lydische nacht (RC 118). Een half jaar later is Diepenbrock er nog niet aan toegekomen.

Op 12 mei 1915 speelde Diepenbrock de Berceuse en L’invitation au voyage (RC 117) voor aan Cato Loman, die ze in haar dagboek betitelt als twee juweelen of liever parels. (BD VIII:466) Ook de première van de Berceuse op 27 oktober 1915 vond nog uit het manuscript van november 1912 plaats. De uitvoerenden waren Alice Plato1 (1889-1961) en Evert Cornelis (1884-1931). Als Diepenbrock vervolgens van andere musici aanvragen krijgt voor het materiaal, laat hij door een kopiist een afschrift vervaardigen. Op 17 januari 1916 heeft Diepenbrock dit exemplaar gestuurd aan Anke Schierbeek (1878-1960), de zangeres met wie hij op 1 en 10 maart 1916 de Berceuse heeft uitgevoerd in de tentoonstellingszaal van het gebouw van de Amsterdamsche Handelsbank, tijdens liefdadigheidsconcerten die zij verzorgden ten bate van de zorg voor Belgische krijgsgevangenen en hun families.

Gedrukte uitgave

Begin mei 1917 is het lied in druk verschenen, uitgegeven door de Waalse ingenieur en pianist Pierre Hans (1886-1960), aan wie Diepenbrock de versie voor mezzosopraan en piano had gegeven om vrijelijk over te beschikken. Hans, vóór de oorlog docent scheikunde aan de universiteit van Luik, leefde als balling dicht bij Maastricht. Met enige landgenoten had hij een gezelschap gevormd waarmee hij concerten gaf ten bate van Belgische krijgsgevangenen in Duitsland. Ook de opbrengst van de verkoop van Diepenbrocks Berceuse kwam ten goede aan dit doel.

Voor de auteur was het nu gemakkelijker meerdere zangeressen tegelijk voor het werk te interesseren, zoals Jacoba Repelaer van Driel (1884-1967). In een brief aan haar is over de tekst van de compositie te lezen:

Ik vind het gedicht ook zeer mooi, al moet men niet alles letterlijk nemen, zooals “Ne pense pas”. Wel letterlijk is voor mij: “Toute science est vaine”, namelijk science in de stupide “wetenschappelijke” beteekenis die de “moderne wetenschap” er aan geeft.

Al in juni 1917 bleek een herdruk noodzakelijk.

Berthe Seroen (1882-1957) en Evert Cornelis hebben het lied menigmaal uitgevoerd. Naar aanleiding van hun vertolking op 7 februari 1918 in Diligentia te Den Haag karakteriseerde recensent A. de Wal Diepenbrocks Berceuse als lied in zacht-gouden neo-renaissance schoonheidsontroering, contemplatief en van aristocratisch nobele innigheid. (BD IX:574)

Een andere vurig pleitbezorgster van dit lied was Marie Versteegh (1884-1953) die het dikwijls ten gehore bracht op de recitals die zij met haar man Gerard Zalsman in het buitenland gaf, zoals op 4 juni 1919 in Chicago. Aan het eind van het jaar berichtte Marie enthousiast over hun tournee in Japan en Nederlands-Indië:

G. heeft hier wel eens “Puisque l’aube grandit” en “Recueillement” gezongen, en ik zong overal de “Berceuse” en soms “Incantation” en al de andere. Ze hadden altijd groot succes. (BD X:164)

Toen de voorraad gedrukte exemplaren van Pierre Hans in de loop van 1919 uitgeput raakte, voelde Diepenbrock zich gerechtigd – de Belgische krijgsgevangenen waren inmiddels gerepatrieerd – zijn compositie in eigen beheer uit te geven. De oplage van 200 exemplaren, gedrukt bij Mouton & Co in Den Haag, verscheen op 26 juni 1920, tegelijk met de uitgave van L’invitation au voyage (RC 117) dat gecomponeerd was in 1913.

Ton Braas

1 Alice Plato was de echtgenote van Jacques Baart de la Faille, advocaat en lid van het dagelijks bestuur van de Bond van Neutrale Landen, de pro-geallieerde organisatie waarin Diepenbrock een belangrijke rol speelde.

 



Le Seigneur a dit à son enfant:
Va, par le clair jardin innocent
Des anges, où brillent les pommes et les roses.
Il est à toi. C'est ton royaume.
Mais ne cueille des choses que la fleur;
Laisse le fruit aux branches,
N'approfondis pas le bonheur.
Ne cherche pas à connaître
Le secret de la terre
Et l'énigme des êtres.
N'écoute pas la voix qui t'attire
Au fond de l'ombre, la voix qui tente,
La voix du serpent, ou la voix des sirènes,
Et celle des colombes ardentes
Aux bosquets sombres de l'Amour.
Reste ignorante,
Ne pense pas; chante.
Tout science est vaine,
N'aime que la beauté
Et qu'elle soit pour toi toute la vérité.


Berceuse

The Lord said to his child:
Go to the bright and innocent garden
Of the angels, where the apples and roses
Are resplendent. It is yours. Your kingdom.
But you may only pick the flowers;
Leave the fruit on the branches,
Do not seek too much happiness.
Do not seek to know
The secret of the earth
And the riddle of mankind.
Do not listen to the voice that attracts you
In deepest shadow, the voice that tempts,
The voice of the serpent, or of the sirens,
Or of the passionate doves
In Love’s sombre groves.
Remain unknowing,
Do not think; sing.
All knowledge is vain,
Love only beauty;
May it be all the truth you need.

(transl. Peter Lockwood)


  • A-70(1) Berceuse

    • 1
    • 2
    • 3
    • 4
    • 5
    • 6
    • 7
    • 8

    semi-autograph A-70(1) with dedication on the first page Composée pour mes chers amis Julie et Gerard Hekking à l’occasion de la naissance de leur fille Françoise and with the indication Arrangement pour piano et chant

    • opdracht: Composée pour mes chers amis Julie et Gerard Hekking à l’occasion de la naissance de leur fille Françoise
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: 8
  • B-10(1) Berceuse

    • 1
    • 2
    • 3
    • 4
    • 5
    • 6
    • 7
    • 8
    • 9
    • 10
    • 11
    • 12

    B-10(1) with dedication on the title page gecomponeerd voor Gerard en Julie Hekking ter gelegenheid van de geboorte hunner dochter Françoise (Octob. 1912) and dated on the last page 30 Oct 1912 (m. 1-15 on two staves; m. 16-end on three staves)

    • 30 mei 1920
    • opdracht: gecomponeerd voor Gerard en Julie Hekking ter gelegenheid van de geboorte hunner dochter Françoise (Octob. 1912)
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: 12
  • HGM 189/23b Berceuse

    semi-autograph HGM 189/023b (NMI, collection Berthe Seroen)

    • bewaarplaats: Nederlands Muziek Instituut, archive Berthe Seroen
    • pagina's: onbekend

  • Berceuse

    1917 Hans, Pierre
  • Berceuse

    1920
  • Complete Songs for Solo Voice and Piano Vol. 6

    1998 Donemus / Alphons Diepenbrock Fonds Braas, Ton
  • Diepenbrock Album B/M Vol. I

    1952 Reeser, Eduard

27 okt 1915: Eerste uitvoering van de Berceuse door Alice Plato met begeleiding van Evert Cornelis in de Kleine Zaal van het Concertgebouw te Amsterdam. Op het programma staat ook Les chats.

Het geheele programma was eene noviteit en gij ziet, dat Alice Plato nog immer radicaal optreedt. Een coup de théâtre van negen Hollandsche manuscripten, waaronder vier prullen en vijf meesterstukjes. Ik noem alleen de laatste: Il pleure dans mon coeur van Carl Smulders, La chanson de Marie-des-Anges van Oberstadt, Berceuse en Les chats van Diepenbrock, Le grand Lustrucu van Dresden. Wie zou meer verlangen? Dat gebeurt anders alleen op een binnenlandsch muziekfeest, wanneer de zangers en zangeressen met dik geld betaald worden voor het Hollandsche lied.

De Telegraaf (Matthijs Vermeulen), 28 oktober 1915

pdf Alle recensies voor RC 112 Berceuse (“Le Seigneur a dit à son enfant”)