english | nederlands

RC 43 Clair de lune (“Votre âme est un paysage choisi”)

tekstbron

Paul Verlaine, Fêtes galantes. Nouvelle édition (Paris: Vanier 1891), 5

eerste uitvoering

2 december 1898 Amsterdam, Concertgebouw

opnamen

  • Anniversary Edition 6 Et'cetera KTC 1435 CD6

uitgaven

  • Complete Songs for Solo Voice and Piano Vol. 4 Donemus / Alphons Diepenbrock Fonds 21194835
  • Complete Songs for Solo Voice and Piano Vol. 7 Donemus / Alphons Diepenbrock Fonds 21194835
  • Deux mélodies pour Soprano avec accomp. de piano (nr. 1) Noske, A.A. 5948689
  • Diepenbrock Album B/M Vol. I
  • Diepenbrock Album T/S Vol. II

  • Clair de lune (“Votre âme est un paysage choisi”)
  • Verlaine, Paul
  • sopraan en piano // mezzosopraan en piano
  • 24 september 1898
  • duur 2:50

Diepenbrock componeerde Clair de lune in september 1898, geïnspireerd door de zetting van Fauré, die hij in een brief aan Charles Smulders zeer mooi noemde. Hij vervolgde: De frappante tekst heeft mij geanimeerd het ook te componeeren, de beide composities schaden elkaar geloof ik niet. (BD III:63). Het was, zo voegde hij er later aan toe, de suggestieve kracht van het gedicht die hem bijzonder had aangesproken. (BD III:65) Verlaine vergelijkt de ziel van zijn geliefde met een maan-beschenen landschap waarin gemaskerde figuren rondgaan die luit spelen, dansen en zingen, maar achter hun vermomming en in hun liederen melancholie uitstralen. Deze mengt zich met de trieste schoonheid van de maan die de waterstralen van een fontein doet snikken van extase. De ervaring die Diepenbrock had opgedaan bij het sleutelen aan de zangstem van Écoutez la chanson bien douce (RC 40) was onmiddellijk duidelijk in zijn zetting van Clair de lune, die Smulders si bien prosodé – zo goed van prosodie – vond (BD III:85) De componist heeft dan ook geen enkele wijziging meer aangebracht. …meer >

Clair de lune (incipit)


Diepenbrock componeerde Clair de lune in september 1898, geïnspireerd door de zetting van Fauré, die hij in een brief aan Charles Smulders zeer mooi noemde. Hij vervolgde: De frappante tekst heeft mij geanimeerd het ook te componeeren, de beide composities schaden elkaar geloof ik niet. (BD III:63). Het was, zo voegde hij er later aan toe, de suggestieve kracht van het gedicht die hem bijzonder had aangesproken. (BD III:65) Verlaine vergelijkt de ziel van zijn geliefde met een maan-beschenen landschap waarin gemaskerde figuren rondgaan die luit spelen, dansen en zingen, maar achter hun vermomming en in hun liederen melancholie uitstralen. Deze mengt zich met de trieste schoonheid van de maan die de waterstralen van een fontein doet snikken van extase. De ervaring die Diepenbrock had opgedaan bij het sleutelen aan de zangstem van Écoutez la chanson bien douce (RC 40) was onmiddellijk duidelijk in zijn zetting van Clair de lune, die Smulders si bien prosodé – zo goed van prosodie – vond (BD III:85) De componist heeft dan ook geen enkele wijziging meer aangebracht.

Diepenbrocks compositie bevat naast de stijgende kwint waarmee de zangstem inzet, geen andere verwijzing naar het lied van Fauré. De weemoedige stemming van het gedicht ervaart men in de eerste plaats in de dorische melodie waarop het lied gebouwd is. De piano begint ermee in de linkerhand en de zangstem neemt haar over, steeds begeleid door een dalende figuur (gebroken drieklank) in de rechterhand die dikwijls twee octaven omvat – uitbeelding van het klaterende water dat in de marmeren bekkens naar beneden valt. Beide gegevens komen in korte tijd tot klinken in verschillende toonsoorten, met soepele, ‘milde’ modulaties en akkoordverbindingen. Net als bijvoorbeeld En sourdine (RC 104) speelt dit lied zich, wat de dynamiek betreft, af in pasteltinten.

Aaltje Noordewier-Reddingius bracht het lied op 2 december 1898 in première, in een programma met werken van Diepenbrock die zij eerder op 30 april had uitgevoerd. Clair de lune is in 1905 bij A.A. Noske verschenen met een opdracht aan sopraan Alida Oldeboom-Lütkemann, die het werk in februari van dat jaar ten gehore had gebracht. Over deze zangeres had Elisabeth Diepenbrock eerder in haar dagboek geschreven:

Zij zal liederen van Fons gaan zingen en studeeren met hem, zij is verbazend muzikaal en handig om zijne bedoelingen te begrijpen, zingt enkele liederen, zooals de Clair de lune van Verlaine fijner en geestrijker dan Aal. (BD IV:298)

Volgens een aantekening van zijn vrouw (BD VII:300) transponeerde Diepenbrock het lied in december 1911 voor mezzosopraan Ilona Durigo. Met Evert Cornelis als begeleider voerde zij het in februari 1912 uit tijdens een tournee langs de belangrijkste podia van het land: Amsterdam (Concertgebouw), Rotterdam (Nutszaal) en Den Haag (Diligentia).

Ton Braas



Clair de lune

Votre âme est un paysage choisi
Que vont charmant masques et bergamasques
Jouant du luth et dansant et quasi
Tristes sous leurs déguisements fantasques.

Tout en chantant sur le mode mineur
L'amour vainqueur et la vie opportune,
Ils n'ont pas l'air de croire à leur bonheur
Et leur chanson se mêle au clair de lune,

Au calme clair de lune triste et beau,
Qui fait rêver les oiseaux dans les arbres
Et sangloter d'extase les jets d'eau,
Les grands jets d'eau sveltes parmi les marbres.

 

Moonlight

Your soul is like a landscape fantasy,
Where masks and Bergamasks, in charming wise,
Strum lutes and dance, just a bit sad to be
Hidden beneath their fanciful disguise.

Singing in minor mode of life's largesse
And all-victorious love, they yet seem quite
Reluctant to believe their happiness,
And their song mingles with the pale moonlight,

The calm, pale moonlight, whose sad beauty, beaming,
Sets the birds softly dreaming in the trees,
And makes the marbled fountains, gushing, streaming –
Slender jet-fountains – sob their ecstasies.

(transl. Norman R. Shapiro)

 


 


  • A-41(6) Clair de lune

    • 1
    • 2
    • 3
    • 4

    A-41(6) for soprano, dated on the last page 24 Sept 1898

    • 24 september 1898
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: 4
  • A-35(3) Clair de lune

    copy A-35(3) for soprano

    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: onbekend
  • A-64(4)

    A-64(4) for soprano, dated on the last page 24 Sept 1898

    • 24 september 1898
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: onbekend
  • B-1(2)

    B-1(2) for mezzo soprano, dated on the last page 1898

    • 1 januari 1898 – 31 december 1898
    • bewaarplaats: Diepenbrock Archief Laren
    • pagina's: onbekend

  • klik voor vergroting

    Anniversary Edition 6

    cd Et'cetera KTC 1435 CD6
    Alexander, Roberta ♦ Jansen, Rudolf ♦ Nes, Jard van ♦ Holl, Robert ♦ Prégardien, Christoph ♦ Pfeiler, Christa ♦ Doeselaar, Leo van ♦ McFadden, Claron ♦ Ameling, Elly ♦ Meer, Richte van der ♦ Baldwin, Dalton

    Tracks: 1 = RC 79; 2 = RC 68; 3 = RC 117; 4 = 97; 5 = RC 132; 6 = RC 104; 7 = RC 111; 8 = RC 43; 9 = RC 99; 10 = RC 138; 11 = RC 137; 12 = RC 4; 13 = RC 15; 14 = RC 14; 15 = RC 13; 16 = RC 51

  • Complete Songs for Solo Voice and Piano Vol. 4

    1993 Donemus / Alphons Diepenbrock Fonds Braas, Ton
  • Complete Songs for Solo Voice and Piano Vol. 7

    1995 Donemus / Alphons Diepenbrock Fonds Braas, Ton
  • Deux mélodies pour Soprano avec accomp. de piano (nr. 1)

    1905 Noske, A.A.
  • Diepenbrock Album B/M Vol. I

    1952 Reeser, Eduard
  • Diepenbrock Album T/S Vol. II

    1960 Reeser, Eduard

2 dec 1898: Aaltje Noordewier-Reddingius zingt op een liederenavond in de Kleine Zaal van het Concertgebouw te Amsterdam met pianobegeleiding van Anton Tierie acht liederen van Diepenbrock: Ik ben in eenzaamheid niet meer alleen (RC 41), Écoutez la chanson bien douce (RC 40), Clair de lune (RC 43, eerste uitvoering), Romance = Lied der Spinnerin (RC 42), Die Liebende schreibt (RC 20), Hinüber wall' ich (RC 37), Ave Maria (RC 23) en Canticum “O Jesu ego amo te” (RC 29). De eerste helft van het programma bestaat uit twee liederen van Wagner (Ode en Attente), Clair de lune van Fauré, Les roses en En gondole van Henriette Coclet benevens twee Mélodies bretonnes (“Ma douce Annette” en “Disons le chapelet”), geharmoniseerd door L.-A. Bourgault-Ducoudray.

De Diepenbrock-liederen – het waren een achttal – maakten, evenals ten vorigen jare, een grooten indruk. Onder die acht traden de volgende op den voorgrond: Écoutez la chanson bien douce, Romance, Die Liebende schreibt, Ave Maria en Canticum St. Fr. Xaverii. — Waarom Diepenbrock in het eerste der vier genoemde een couplet niet heeft gecomponeerd, blijft mij raadselachtig. — In al deze liederen wordt men in 't bijzonder getroffen door de uiterst zangrijke en poëzievolle poliphonie. De stemmen wandelen naast elkaar, kruisen elkaar in een vloed van rijke melodieën, vol diep gevoel. In deze muziek is iets van de gewaarwordingen te bespeuren, die men ondervindt, wanneer men zich te midden der natuur bevindt. Zoo buiten wandelende hoort men allerlei geluiden, het zingen der vogelen, het ruischen van den wind in het gebladerte, het kabbelen van een beekje of van een stroom. Die verschillende geluiden hebben met elkaar niets te maken, zij schijnen vreemd tegenover elkaar te staan, en toch – zij alle tezamen vormen het klinkende element der natuur, zij maken voor het oor de natuur tot iets levends. In de liederen van Diepenbrock vindt men eveneens allerlei geluiden; bijna zou men geneigd zijn, elk dier geluiden als op zichzelf staande te beschouwen, en toch omhullen zij den hoorende met een atmosfeer van wel-lust en wel-luid, die, naar mijne meening, het bewijs levert, dat de componist iets zeer waars uitdrukt. — Met verlangen zie ik een grooter werk van dezen componist uit den tegenwoordige tijd tegemoet.

Het Nieuws van den Dag (Daniël de Lange), 3 december 1898

pdf Alle recensies voor RC 43 Clair de lune (“Votre âme est un paysage choisi”)